januari 20, 2008 bij 12:43 pm (Conservation)
Hippo Project Liwonde NP
Ik kreeg recent bericht van Mark Harrison, waarmee ik in Malawi heb samengewerkt bij het Hippo Project in Liwonde National Park. Mark is tegenwoordig verbonden aan de Wildlife Research Group van de Universiteit van Cambridge. Naar aanleiding van het project heeft hij, samen met een onderzoeker verbonden aan het Biology Department van de Universiteit van Malawi te Zomba en een medewerker van het Department of National Parks and Wildlife te Liwonde een artikel geschreven dat in het African Journal of Ecology wordt geplaatst. De naam van het artikel is “The Ecology of the Hippopotamus in Liwonde National Park: implications for management”. Het artikel is al wel online verschenen, de papieren versie volgt binnenkort.
Een toekomst in advies?
Mooi dat het wordt geplaatst. Samen met onder meer Darren Bruessow, de eigenaar van Chinguni Hills Lodge in Liwonde NP, heb ik advies gegeven over de opzet en uitvoering van het project. Hm, misschien moet ik maar verder gaan in een adviserende functie wanneer ik klaar ben met mijn proefschrift……

Hippos in Vwaza Marsh, Malawi
Laat een reactie achter
juli 31, 2007 bij 10:19 am (Conservation)
Een erfenis uit het verleden
Veehouders van de Il Ngwesi Group Ranch in Laikipia East District zien de toekomst met angst tegemoet. Al jarenlang investeren circa 600 begunstigden in de bescherming van olifanten en andere wilde dieren op hun grondgebied. De ranch, die bestaat uit een lodge met zeven huisjes, is hun eigendom en zij zijn verantwoordelijk voor het management. Il Ngwesi is een populaire toeristenbestemming en het jaarlijkse inkomen bedraagt circa 10 miljoen Kenyaanse shillingen. Dit geld is aangewend voor de bouw van scholen, infrastructurele maatregelen, watervoorziening en de aanpak van veediefstal. Een gebeurtenis uit juni 2000 dreigt echter roet in het eten te gooien.
Joggen kan link zijn
Een Britse bezoeker van de ranch, Wendy Susan Martin, ging met een collega joggen in de nabijgelegen Yiari Vallei, die grenst aan de Mukogondo Hills. Zij wist echter niet dat deze route normaliter door wildlife wordt gebruikt. Een drachtige olifant was hierover bijzonder ontstemd en viel Martin aan. Zij werd gered door een game ranger die erin slaagde om het dier te verjagen. Tegen die tijd was Martin zwaar gewond en in coma. Drie jaar later heeft zij de ranch aangeklaagd en compensatie voor de geleden schade geëist. Afgelopen maand kende de rechtbank in Nairobi haar 105 miljoen Kenyaanse shillingen toe.
Wie zal dat betalen…..?
Groepsleden vrezen dat zij aansprakelijk worden gesteld voor de financiële compensatie van Martin. Het gerucht doet de ronde dat het grondgebied van de ranch, dat 16.500 acres omvat, moet worden geveild om aan het benodigde bedrag te komen. Zij wilden hun penibele situatie uiteenzetten aan Mr. Morris Dzoro, de minister van Tourism & Wildlife, maar hij kwam niet opdraven bij de hiertoe georganiseerde bijeenkomst, hetgeen ertoe leidde dat de aanwezigen hun frustratie ten aanzien van de overheid ventileerden. Ook raadsleden van de ranch lieten zich horen. Zo zei Mr. Kipsoi Kinyaga dat de lokale gemeenschap niet langer overtuigd zou zijn van het nut van wildbeheer als de overheid niet zou ingrijpen. “Wij stellen ons land beschikbaar voor wildlife, beschermen het wild tegen stropers en krijgen op de koop toe een boete van meer dan 100 miljoen shilling”. Mr. Kisio vroeg zich af waarom familieleden van Kenyanen die door wild worden gedood slechts 30.000 Shilling krijgen terwijl een gewonde toeriste meer dan 100 miljoen krijgt toegewezen.
Community conservation
Community conservation projecten zijn ongeveer 10 jaar geleden geïntroduceerd met als doel om mens-dier conflicten aan te pakken en toerisme te stimuleren. Lokale leefgemeenschappen en de biodiversiteit zouden hier wel bij varen. Een van de pilotprojecten in 1996 was Il Ngwesi, dat vanwege zijn succes navolging heeft gekregen in acht andere districten in het noorden van Kenya. De Northern Rangelands Trust heeft campagne gevoerd om pastorale leefgemeenschappen aan te zetten tot wildbescherming. Volgens de manager, Mr. James Munyugi, omvatten de conservancy projecten 1,5 miljoen acres en hebben zij 350 werknemers in dienst.
Steun
Vertegenwoordigers van andere conservancies hebben hun steun uitgesproken aan Il Ngwesi. Hierbij werd onder meer gezegd dat de Kenya Wildlife Service, als wildbeheerder, haar verantwoordelijkheid moest nemen voor situaties waarin mensen verwond worden door wilde dieren.
Bedrag?
Overigens is het artikel niet eenduidig over de hoogte van de toekenning. In de kop boven het artikel wordt een bedrag genoemd van 150 miljoen, terwijl in de tekst zelf 105 miljoen staat. Maar dit terzijde….
Bron: Daily Nation juli 5, correspondent Mwangi Ndirangu
1 Reactie
juli 31, 2007 bij 10:00 am (Conservation)
Onaantastbare status
De wildstand vormt een bedreiging voor de economische duurzaamheid van veehouders in privé ranches in Nakuru District en andere delen van het land. Ranchers beweren dat het de wildstand fors is toegenomen sinds de Kenya Wildlife Service (KWS) het afschieten ervan en de commercialisering van wildproducten heeft opgeschort. Als voorbeeld wordt Soysambu ranch van Lord Delamere genoemd, waar meer dan 15.000 wilde dieren en 5000 stuks vee op dezelfde graasgronden zijn aangewezen. Een paar jaar geleden waren dit nog 9000 koeien, maar officieel kunnen de boeren alleen het aantal koeien verminderen, het wild is onaantastbaar.
Geen quota meer
Voor het jachtverbod gaf de KWS quota af voor het aantal dieren dat de boeren mochten afschieten ter compensatie van de overlast die het wild veroorzaakt. Deze extra uitgaven hebben onder meer betrekking op reparatie van door wild beschadigde omheiningen, additioneel veevoer en middelen om overdracht van ziekten van wildlife naar vee te bestrijden.
Overige problemen
Maar er zijn ook andere problemen waarmee de boeren in toenemende mate te kampen hebben. Zo dringen kleinschalige boeren hun ranch binnen om te stropen en bomen te kappen (voor brandhout). Een grote verliespost op Soysambu is het vervangen van draad uit de afrastering, dat door stropers wordt gebruikt om (val)strikken te maken.

Een gestroopte zebra
Laikipia
Ook in Laikipia District zijn deze problemen aan de orde. Het schijnt dat sommige boeren braakliggend terrein opkopen en omheinen om zo de doorgang te verhinderen van veehouders die met hun vee op zoek zijn naar goede graasgronden en water (dit heeft ook zijn weerslag op de migratie van het wild). Sommige ranchers hebben kleinschalige bedrijfjes met een oriëntatie op toerisme en wildlife, maar het schijnt dat de opbrengsten marginaal zijn.
Bron: Daily Nation 28 juni (correspondent: Michael Njuguna)
Laat een reactie achter
juli 31, 2007 bij 9:49 am (Conservation)
Tijdelijke bouwstop
De overheid heeft bouwactiviteiten nabij wildparken en reservaten tijdelijk stopgezet, in afwachting van de nationale richtlijnen die door de Kenya Wildlife Service worden opgesteld. Hiermee reageert zij op de wildgroei aan (illegale) bebouwing nabij wildgebieden en de (negatieve) impact hiervan op het toerisme.
Management plan is vereiste
De Permanent Secretary (PS) voor Milieu, Prof. James ole Kiyapi, zei dat elk wildreservaat (wildlife sanctuary) een managementplan moet indienen om het te vrijwaren van ongeoorloofde aannemerspraktijken. Een dergelijk plan omvat niet alleen het reservaat zelf, maar ook de directe omgeving ervan. Elk plan zal binnen het kader van de overkoepelende milieuwet (EMCA, de Environmental Management & Coordination Act uit 1999) worden gepubliceerd in de Staatscourant.
Een gewaarschuwd mens…
De PS maande investeerders om niet te bouwen in beschermde gebieden; hij adviseerde hen dringend om hun activiteiten te richten op onderontwikkelde gebieden in Kenya. Hij kondigde tevens aan dat voor de reeds gelanceerde projecten in Isiolo en Samburu nieuwe onderzoeken moeten worden gedaan onder supervisie van NEMA, de National Environment Management Authority. In elk onderzoek staan maatregelen ter beperking van milieuschade centraal.
bron: Daily Nation 21 juni
Laat een reactie achter
juli 31, 2007 bij 8:10 am (Conservation)
Budgettoewijzing
De grootste aandeelhouders in de toerisme industrie zijn niet te spreken over de toewijzing van 300 miljoen Kenyaanse shilling, die Minister van Financiën Kimunya, in het kader van het budget voor 2007 heeft gedaan om de toegangswegen naar de nationale parken te verbeteren.
Een druppel op de gloeiende plaat
Zij noemden het bedrag “een druppel op een gloeiende plaat” terwijl “toerisme kan worden gekenmerkt als de kip met de gouden eieren”. Verenigingen van hoteleigenaren en nationale en lokale touroperators eisen meer geld voor infrastructurele verbeteringen (op het gebied van weg- en luchtvervoer) en voor de Kenya Tourism Board.
Secrets of Africa
Mr. Job Muthike, directeur van de organisatie met de intrigerende naam ‘Secrets of Africa’ vroeg zich af hoe de overheid dacht meer toeristen te werven bij de huidige infrastructurele situatie – en dat terwijl zwaar wordt ingezet op de groei van het toerisme in Kenya.
Bron: The Standard 16 juni
Laat een reactie achter
juli 31, 2007 bij 8:08 am (Conservation)
Vanuit Kenya worden er verschillende voorstellen gedaan om meer mensen te laten profiteren van de inkomsten uit het toerisme. Onderstaand een voorbeeld, dat afkomstig is uit de Daily Nation van 26 juni.
Fees or conservancy?
Een voorstel van de County Council (districtsraad) van Nyeri om entreegelden te incasseren voor de nationale parken binnen haar jurisdictie is afgewezen. In plaats daarvan heeft de directeur van de Kenya Wildlife Service (KWS), Mr. Julius Kipn’getich, de raad verzocht om een conservancy op te richten.
Lokaal profijt
Tijdens een bijeenkomst met een groep leiders in Nyeri zegde Kipn’getich hiervoor technische ondersteuning toe vanuit de KWS. De voorzitter van de raad, Mr. Kega Kangan, die gesteund werd door 41 leiders, had het voorstel ingediend in een poging om de plaatselijke bevolking te laten profiteren van het toerisme in Nyeri.
Laat een reactie achter